Facebook is door Goldman Sachs gewaardeerd op 50 miljard dollar, las ik gisteren in de krant. Met nog geen 500 miljoen geregistreerde profielen komt dat neer op ruim 100 dollar per profiel. Ik ga ervan uit dat de heren (en enkele dames) op Wall Street niet dom zijn en dat zij dus ook deze rekensom hebben gemaakt.

Honderd dollar per profiel. Wat wil dat eigenlijk zeggen? Dat adverteerders, vooralsnog de enige bron van inkomsten voor Facebook, bereid zijn om de komende jaren voor honderd dollar per profiel, waar ook ter wereld, te investeren. Is dat veel? Me dunkt. Als we ervan uitgaan dat bedrijven hooguit een paar procent van hun omzet investeren in online marketing, dan zouden zij dus in een paar jaar duizenden dollars extra aan u moeten verdienen. En dat alleen door hun advertenties op Facebook. Wordt de kracht van social media niet een beetje overschat? Voor de investment bankers op Wallstreet is een paar duizend dollar misschien wisselgeld, maar voor veel Facebookgebruikers is het een bedrag dat ze niet zomaar even vrij te besteden hebben. Misschien niet eens in een heel jaar verdienen…

Natuurlijk, de werkelijkheid is vele malen complexer dan mijn rekenvoorbeeld. Ongetwijfeld houdt GS er rekening mee dat het aantal profielen zal stijgen tot een miljard of meer. Daar staat tegenover dat een groot aantal profielen niet aan consumenten toebehoort, maar aan verenigingen, bedrijven en dergelijke. En dat een waardering in de regel niet gebaseerd is op te behalen omzet, maar op verwacht rendement. De overschatting van de waarde van Facebook is in werkelijkheid dus nog veel groter dan ik hierboven liet zien.

Ik kan maar één conclusie trekken: Facebook wordt binnenkort naar de beurs gebracht en moet daar flink wat geld gaan ophalen. Goldman Sachs belooft alvast gouden bergen. En omdat iedereen de mond vol heeft van the power of social media, is het makkelijk te geloven. Maar kunt u zich Worldonline nog herinneren…?

Deze blog delen?
  • LinkedIn
  • Twitter
  • Print

“Als er straks een nieuw kabinet is dan…” Tsja, wat dan? Ik heb de indruk dat veel verenigingen zich ongemakkelijk voelen bij de huidige onzekerheid. Gaat de overheid meer naar zich toetrekken (PVV), overlaten aan de markt (VVD) of aan het middenveld (CDA)? Drie heel verschillende scenario’s, die om een andere positionering vragen van middenveldorganisaties. In het eerste geval zal meer nadruk komen te liggen op lobby, in het tweede op zelfregulering en in het derde op extern bindende afspraken. Herpositionering van de vereniging is echter een tijdrovend proces. Het is de vraag of die tijd beschikbaar is. Hoe lang zal een minderheidskabinet immers aan het roer blijven? Veranderen van positionering is ingrijpend voor zowel vereniging als bureau. Om geloofwaardig en dus invloedrijk te zijn als belangenorganisatie moet je niet te vaak van koers veranderen. Is de politieke omgeving instabiel, dan is er maar één betrouwbaar kompas: de leden.

Deze blog delen?
  • LinkedIn
  • Twitter
  • Print

Klompjes

≡ Auteur: Tim van der Rijken |Reageer

“We have another question from one of our virtual delegates.” Een vaak gehoorde onderbreking van een learning lab of thought leader session. Dit ASAE-congres telt naast de vijfduizend ‘gewone’ deelnemers dit jaar voor het eerst namelijk honderden deelnemers die vanuit huis of kantoor meedoen. Niet alleen door te kijken en luisteren, maar dus ook door vragen te mailen die door de organisatie worden ‘omgeroepen’. En dat werkt.

De standhouders op de beurs zullen met de virtuele deelnemers wat minder blij zijn. Want hoe stuur je per e-mail een pluche eland, een geinige tas of een goede kop koffie? Zomaar een greep uit de talloze gadgets waarmee hotelketens, staten en steden verenigingsmanagers proberen te overtuigen het volgende congres bij hun te organiseren. Nederland probeert de strijd om de congressen als vanouds met porseleinen delftsblauwe klompjes te winnen. Werkt dat ook?

Deze blog delen?
  • LinkedIn
  • Twitter
  • Print
keep looking »